Acustica is misschien wel het meest geraffineerde voorbeeld van Kagels zelfbedachte genre, het ‘instrumentaal theater’. In de partituur staat vermeld dat het stuk vraagt om onorthodoxe musici die bereid zijn de grenzen van hun vak te verleggen, aangezien maar weinig van de experimentele geluidsbronnen die erin omschreven worden conventionele instrumenten zijn; waar er wel conventionele instrumenten in de partituur voorkomen moeten deze steeds op onconventionele manieren bespeeld worden. Elke muzikale handeling wordt echter nauwgezet omschreven en er zijn diagrammen en foto’s in de partituur opgenomen waarin te zien is hoe de instrumenten moeten worden gebouwd ofwel verbouwd. Wat de partituur niet aangeeft is de volgorde waarin de afzonderlijke instrumentale delen moeten worden uitgevoerd; in plaats daarvan stelt Kagel voor dat iedere artiest zelf de delen uitkiest die hij of zij zou willen uitvoeren en vervolgens tijdens de repetities uitzoekt welke volgorde het beste werkt in combinatie met van tevoren opgenomen geluidsmateriaal en met wat de andere musici laten horen. Toegegeven, met deze werkwijze is Kagel duidelijk schatplichtig aan zowel John Cage als het absurdistisch toneel, maar de ondermijnende kritiek op algemeen geaccepteerde ideeën over wat iets tot muziek of tot een instrument maakt, is vooral typerend voor Kagel, moderne meester van de ironie. (Christopher Fox)
Vertaling: Nadia Ramer